reizen

Vijf hotels waar u minstens één keer wilt slapen

Niet noodzakelijk de duurste. Niet noodzakelijk de nieuwste. Wel vijf bijzondere hotels in Europa die iets hebben wat veel andere hotels missen: een eigen persoonlijkheid.

Salon van Aman Venice in Palazzo Papadopoli, naast het Brands Only-logo en de titel van het artikel

Er zijn hotels die u na twee dagen alweer vergeten bent.

De kamer was goed. Het bed uitstekend. Het ontbijt verzorgd. Alles klopte.

En toch blijft er niets hangen.

Andere hotels doen iets anders. Ze voelen niet als een verzameling kamers, maar als een plek waar al tientallen jaren verhalen door de gangen lopen. Soms zit het in de architectuur. Soms in de mensen die er ooit kwamen. Soms gewoon in het feit dat niemand geprobeerd heeft om elk hoekje perfect te maken.

Onder de vele bijzondere hotels in Europa zijn er een paar plekken waar de ervaring interessanter wordt dan het aantal sterren.

Dit zijn vijf hotels waar u minstens één keer wilt slapen.

Ett Hem — Stockholm

Het hotel dat liever een huis wil zijn

De naam zegt eigenlijk alles: Ett Hem betekent “een thuis”.

Het hotel begon als een privéwoning uit 1910 in Lärkstaden, een rustige wijk vlak bij het centrum van Stockholm. Interieurontwerper Ilse Crawford hielp het huis transformeren tot hotel, maar zonder het gevoel van een echte woning eruit te halen.

Dat klinkt eenvoudiger dan het is.

Interieur van Ett Hem in Stockholm, een karaktervol boutique hotel in een voormalige privéwoning

Veel hotels proberen huiselijk te zijn door ergens een plaid over een stoel te leggen en wat boeken op een tafel te stapelen. Bij Ett Hem zit het dieper.

De keuken is geen decorstuk. Ze wordt omschreven als het hart van het huis. De tuin is eerder een verborgen stadstuin dan een formele hotellounge. Kunst, meubels en objecten staan er niet om een interieurconcept uit te leggen, maar lijken alsof ze er doorheen de jaren vanzelf terechtgekomen zijn.

Dat maakt het misschien wel een van de moeilijkste vormen van luxe om na te bootsen: de indruk dat niemand overdreven zijn best doet.

U bent in een hotel, maar het voelt alsof iemand met uitzonderlijk goede smaak u de sleutel van zijn huis heeft gegeven.

En waarschijnlijk is dat precies de bedoeling.

Grand Hôtel Nord-Pinus — Arles

Een hotel waar de muren meer verhalen kennen dan de gasten

Sommige hotels bouwen hun identiteit rond een concept.

Het Grand Hôtel Nord-Pinus heeft geen concept nodig.

Het staat aan de Place du Forum in Arles en begon in de 19de eeuw als Hôtel du Nord. Doorheen de decennia werd het een verzamelplaats voor kunstenaars, schrijvers, fotografen, zangers en stierenvechters.

Interieur van Grand Hôtel Nord-Pinus aan de Place du Forum in Arles

Ook fotografen raakten ermee verweven.

In 1973 fotografeerde Helmut Newton Charlotte Rampling in kamer 10. Later maakten onder meer Peter Beard en Peter Lindbergh van het hotel een vaste uitvalsbasis in Arles.

Dat soort geschiedenis kunt u niet reproduceren met vintage lampen en verweerd leer.

De plek heeft eenvoudigweg lang genoeg bestaan om een persoonlijkheid te ontwikkelen.

Vandaag telt het hotel slechts 25 kamers en is het opnieuw opgefrist, maar de bedoeling was nadrukkelijk niet om het verleden glad te strijken.

Dat is waarschijnlijk precies waarom Nord-Pinus aantrekkelijk blijft.

Niet omdat alles perfect is.

Maar omdat u het gevoel krijgt dat hier vóór u al interessante dingen zijn gebeurd.

Hotel Il Pellicano — Porto Ercole

Italiaanse elegantie vóór iemand er een marketingwoord voor bedacht

Er bestaat een soort vakantiegevoel dat Italië opvallend goed beheerst.

Een middag die te lang duurt. Een tafel waar niemand haast heeft om op te staan. Een zwembroek die nog nat is van de zee terwijl iemand alweer wijn inschenkt.

Il Pellicano lijkt rond precies dat idee gebouwd.

Zwembad en terrassen van Hotel Il Pellicano aan de Toscaanse kust bij Porto Ercole

Het hotel ontstond uit een liefdesverhaal. In de jaren zestig vonden de Amerikaanse Patsy Daszel en de Britse vliegenier Michael Graham een afgelegen baai aan Monte Argentario en maakten er hun eigen romantische toevluchtsoord van. In 1965 werd het huis een hotel.

Vrienden uit Hollywood en de Europese jetset volgden.

Later kwam Il Pellicano in handen van Roberto Sciò; vandaag wordt het geleid door zijn dochter Marie-Louise Sciò. Het hotel gebruikt zelf graag het woord sprezzatura: de Italiaanse kunst om iets heel verzorgd eruit te laten zien alsof het nauwelijks moeite kostte.

Dat past uitstekend.

Terrassen met bougainvillea. Rotsen die afdalen richting de Tyrreense Zee. Een zwembad dat ooit door Slim Aarons werd gefotografeerd. Geen overdreven marmerpaleis, maar een plek die vooral begrepen lijkt te hebben dat luxe soms gewoon betekent dat de omgeving al het werk doet.

Il Pellicano is misschien wel het hotel op deze lijst waar u het snelst begrijpt waarom mensen telkens terugkomen.

Niet omdat er zoveel te doen is.

Maar omdat er opvallend weinig redenen zijn om weg te gaan.

The Fife Arms — Braemar

Alsof een Schots landhuis besloot kunst te gaan verzamelen

Braemar is een klein dorp in de Schotse Highlands.

En dan staat daar plots The Fife Arms.

Het gebouw werd in de 19de eeuw opgetrokken door de Duke of Fife en behoort al lang tot het straatbeeld van het dorp. De buitenkant is uitgesproken Schots: graniet, puntgevels, schoorstenen en Arts-and-Craftsdetails.

Rijk gedecoreerd interieur van The Fife Arms in Braemar in de Schotse Highlands

Binnen wordt het interessanter.

Het hotel combineert Schotse geschiedenis en landschap met kunst, curiositeiten en kamers die eerder als personages dan als kamertypes aanvoelen.

Dat had gemakkelijk kunnen eindigen als een soort luxe-themapark voor Schotland.

Maar net de overdaad maakt het charmant.

Het is niet minimalistisch.

Het probeert dat ook niet te zijn.

Na jaren waarin elk nieuw boetiekhotel beige muren, afgeronde zetels en dezelfde vaas leek te krijgen, voelt een plek die duidelijk durft kiezen bijna verfrissend.

The Fife Arms heeft een mening.

Zelfs als u het niet met elke kamer eens bent.

Aman Venice — Venetië

Wanneer het gebouw belangrijker is dan het hotelmerk

Aman Venice zit in Palazzo Papadopoli, een 16de-eeuws palazzo rechtstreeks aan het Canal Grande.

En dat is zo'n gebouw waarbij een hotelontwerper vooral moet weten wanneer hij niets meer moet toevoegen.

Historisch interieur van Aman Venice in Palazzo Papadopoli aan het Canal Grande

Het palazzo bevat historische fresco's, zijden wandbekleding, houten lambrisering, kroonluchters, beschilderde plafonds en kamers waarin werk van belangrijke Italiaanse kunstenaars verwerkt is.

Zelfs de geschiedenis zit in de details.

De familie Papadopoli creëerde in de 19de eeuw twee tuinen bij het gebouw — uitzonderlijk in het dichtbebouwde Venetië.

Er is een oude bibliotheek.

Een monumentale trap.

Een bar in de voormalige Salone Galleria met een groot plafondfresco.

En buiten wacht gewoon het Canal Grande.

Aman Venice is waarschijnlijk het meest uitgesproken luxe hotel van deze vijf.

Maar dat is niet waarom het hier staat.

Het staat hier omdat u bij sommige hotels wakker wordt en eerst moet nadenken in welke stad u zich bevindt.

Hier vermoedelijk niet.

Vijf bijzondere hotels in Europa — wat hebben ze gemeen?

Op papier eigenlijk weinig.

Stockholmse soberheid tegenover Venetiaanse fresco's.

Schotse overdaad tegenover Toscaanse nonchalance.

Een hotel aan een druk plein in Arles tegenover een baai waar u het liefst de hele middag blijft liggen.

Maar deze karaktervolle hotels hebben wel één belangrijk ding gemeen.

Ze zouden nergens anders kunnen staan.

Ett Hem zonder Stockholm verliest iets.

Il Pellicano zonder de Toscaanse kust ook.

Nord-Pinus is onlosmakelijk verbonden met Arles.

The Fife Arms hoort in de Highlands.

En Aman Venice buiten Venetië zou simpelweg een ander hotel zijn.

Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het is tegenwoordig verrassend zeldzaam.

Steeds meer luxe- en designhotels zijn zo perfect ontworpen dat u een kamer van Barcelona naar Dubai zou kunnen verplaatsen zonder dat iemand het merkt.

Deze vijf doen het tegenovergestelde.

Ze maken hun locatie onderdeel van hun persoonlijkheid.

Misschien is dat de echte luxe

Niet de grootste kamer.

Niet het dikste tapijt.

Niet het meest uitgebreide ontbijtbuffet.

Misschien is echte luxe tegenwoordig iets moeilijkers: ergens aankomen en onmiddellijk weten dat u precies dáár bent.

En wanneer een hotel dat voor elkaar krijgt, onthoudt u meestal niet alleen de kamer.

U onthoudt de reis.

The Gazette — verhalen over stijl, mensen, reizen, design en plekken die het leven nét wat interessanter maken.

← Terug naar het overzicht

Kom het in de winkel bekijken

Wat u online ziet, is een selectie. In onze winkel in Harelbeke vindt u doorlopend extra merken, modellen en maten. Tijdens onze private-sale events in Sint-Niklaas ontdekt u tijdelijk een nog ruimer merkenaanbod.

Ontdek onze winkels